Algemeen | Wijnbouw

Klimaatverandering verschuift Europese wijnbouw

De klimaatverandering verandert de kaart van de Europese wijnbouw. Geschikte teeltomstandigheden verschuiven richting het noorden en naar hoger gelegen gebieden. Maar dat betekent niet automatisch dat Noord-Europa de grote winnaar wordt. Een toenemende druk van schimmelziekten kan de mogelijkheden voor wijnbouw in nieuwe regio’s aanzienlijk beperken.

Dat blijkt uit nieuw onderzoek van wetenschappers van de Universiteit van Genève en het Zwitserse onderzoeksinstituut Agroscope. Zij onderzochten hoe de geschiktheid van Europese wijnbouwgebieden zich onder invloed van klimaatverandering kan ontwikkelen.

Op zoek naar het klimaat van de toekomst

De onderzoekers gebruikten zogenoemde klimaatanalogen. Daarbij wordt het toekomstige klimaat van een bestaand wijngebied gekoppeld aan een gebied waar vergelijkbare omstandigheden vandaag al voorkomen. Voor een wijnbouwer maakt dat klimaatverandering een stuk concreter. In plaats van alleen een voorspelde temperatuurstijging te zien, kan worden gekeken naar een bestaande regio waar wijnstokken nu al groeien onder omstandigheden die over enkele decennia in het eigen gebied worden verwacht. De onderzoekers analyseerden hiervoor meer dan 20.000 wijngaardpercelen in 57 Europese wijnbouwregio’s, met klimaatprojecties tot 2090.

Niet alleen temperatuur telt

Bijzonder aan het onderzoek is dat niet alleen naar algemene klimaatvariabelen zoals temperatuur en neerslag is gekeken. De wetenschappers gebruikten zes bioklimatische indicatoren die specifiek relevant zijn voor de wijnbouw. Daarbij gaat het onder meer om omstandigheden die de ontwikkeling van de wijnstok bepalen, zoals vorst en extreme hitte, maar ook om het risico op ziekten. In de analyse zijn indicatoren opgenomen voor valse meeldauw, echte meeldauw en flavescence dorée. Dat levert een genuanceerder beeld op van de toekomstige geschiktheid van wijnbouwgebieden.

Wijnbouw schuift noordwaarts en omhoog

Temperatuurgerelateerde veranderingen zorgen volgens de onderzoekers vooral voor een verschuiving van geschikte wijnbouwomstandigheden van zuid naar noord en naar grotere hoogten. Voor traditionele wijnbouwgebieden in Zuid-Europa vormt toenemende hitte een belangrijke uitdaging. Sommige gebieden kunnen op termijn te warm en te droog worden voor de huidige manier van wijnbouw. Tegelijkertijd ontstaan verder naar het noorden nieuwe mogelijkheden. Gebieden die momenteel relatief koel zijn, kunnen later deze eeuw wat temperatuur betreft geschikter worden voor commerciële wijnbouw. Ook hoger gelegen gebieden kunnen aantrekkelijker worden. Door hun lagere temperaturen kunnen ze een deel van de opwarming compenseren. Wijnbouw op hoogte heeft echter een praktisch nadeel: aanleg en beheer van wijngaarden zijn er doorgaans arbeidsintensiever en daardoor kostbaarder.

Ziektedruk kan kansen in Noord-Europa beperken

Meer warmte betekent bovendien niet automatisch betere omstandigheden voor wijnbouw. Vooral in Centraal- en Noord-Europa kan vochtigheid een beperkende factor worden. Volgens de onderzoekers kunnen klimaatverandering en vochtige omstandigheden leiden tot een hogere druk van onder meer echte en valse meeldauw. Ook flavescence dorée kan zich naar nieuwe gebieden uitbreiden. De ziekte-indicatoren leveren daardoor een ander geografisch patroon op dan temperatuur alleen. Terwijl temperatuur vooral een noord-zuidverschuiving veroorzaakt, zorgen vochtigheid en neerslag voor duidelijke verschuivingen in oost-westelijke richting. Dat is een belangrijke conclusie voor wijnbouwers en investeerders die naar nieuwe wijnbouwgebieden kijken: een regio die qua temperatuur in de toekomst uitstekend geschikt lijkt voor druiventeelt, kan door een hoge ziektedruk toch minder aantrekkelijk blijken.

Aanpassen wordt minstens zo belangrijk als verplaatsen

De onderzoekers zien het verplaatsen van wijnbouw naar nieuwe gebieden dan ook niet als de enige oplossing. Voor bestaande wijnbouwbedrijven zal aanpassing waarschijnlijk minstens zo belangrijk worden. Daarbij gaat het onder meer om de keuze voor druivenrassen die beter passen bij veranderende omstandigheden en om aangepaste teelt- en gewasbeschermingsstrategieën. In bepaalde regio’s kan daarnaast een verschuiving naar hoger gelegen percelen of nieuwe teeltgebieden noodzakelijk worden.
De studie onderstreept daarmee dat de toekomstige Europese wijnbouw niet simpelweg “naar het noorden verhuist”. Temperatuur, waterbeschikbaarheid, lokale topografie en ziektedruk bepalen gezamenlijk waar wijnbouw in de komende decennia duurzaam mogelijk blijft.

Over de auteur: Jenny van Lieshout
Jenny van Lieshout (1980) studeerde Communicatiewetenschappen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Tijdens haar eerste baan bij een culinaire uitgeverij raakte ze in de ban van wijn. Ze voltooide internationale...
Meer over:
AlgemeenWijnbouw
Deel dit bericht: WhatsApp Facebook

Wijn en Wijngaard nieuwsbrief

Nieuwsbrief Elke twee weken berichten over wijnbouw in Nederland en Vlaanderen per e-mail.